Burgemeesters kunnen woningen waar drugs worden geproduceerd of verhandeld, sluiten. Zij doen dit ook regelmatig. Sluiting kan echter grote gevolgen hebben voor met name de bewoners. Burgemeesters kunnen ook een waarschuwing of ‘last onder dwangsom’ inzetten, maar doen dat minder vaak. Terwijl deze maatregelen vaak hetzelfde effect lijken te hebben en de nevenschade kleiner is. De onderzoekers pleiten voor een landelijk handelingskader voor gemeenten.
In opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) deden wij, in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen, onderzoek naar de beoogde effecten en de gevolgen van de toepassing van de Wet Damocles.
Wet Damocles
Artikel 13b van de Opiumwet, ook wel de Wet Damocles genoemd, geeft burgemeesters de mogelijkheid om in te grijpen bij woningen waar sprake is van drugshandel, wietteelt of de aanwezigheid van een handelshoeveelheid drugs. Hij kan een waarschuwing geven, een ‘last onder dwangsom’ opleggen of het pand voor bepaalde tijd sluiten. Het wettelijk doel is een einde maken aan de overtreding en het voorkomen van herhaling. Daarnaast beogen veel burgemeesters ook andere aanvullende doelen, zoals de ‘loop uit het pand halen’, ‘het onttrekken van de woning uit het criminele circuit’ of het afgeven van het signaal dat de burgemeester optreedt tegen drugscriminaliteit.
Minder ingrijpende maatregelen
Uit het onderzoek volgt dat minder ingrijpende maatregelen zoals een last onder dwangsom, dezelfde effecten lijken te hebben als een sluiting. Bij een dwangsom hoeft de overtreder niet de woning uit, maar moet hij een boete betalen als hij opnieuw de overtreding begaat.
Weinig zicht
Gemeenten hebben er zelf weinig zicht op of hun doelen worden bereikt. De mate van doelbereiking baseren gemeenten voornamelijk op veronderstellingen en aannames, bijvoorbeeld doordat er geen nieuwe signalen of meldingen meer binnenkomen. Na een sluiting vinden er geen controles plaats, niet door de gemeente en ook niet door de politie. Ook op niet-wettelijke doelen, zoals de loop uit het pand halen of het afgeven van een signaal, is weinig zicht. Dat geldt ook voor de gevolgen voor de buurt. In helft van de onderzochte gevallen was er bijvoorbeeld geen sprake van overlast en wisten omwonenden vaak niet dat er een woning in hun straat of buurt is gesloten. Die onduidelijkheid kan juist leiden tot speculatie onder buurtbewoners.
Onbedoelde gevolgen
Sluiting van een pand kan met name grote gevolgen hebben voor de bewoners. Als een huurwoning wordt gesloten, wordt het huurcontract vaak buitengerechtelijk ontbonden door de verhuurder. Daarnaast kunnen woningcorporaties de bewoners op een zwarte lijst plaatsen waardoor zij langere tijd niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning in de regio. Bewoners zijn daardoor veelal aangewezen op vrienden of familie of op de vaak veel duurdere particuliere woningmarkt. Ook hun psychosociale welzijn en dat van hun kinderen lijdt eronder. Het kan leiden tot stress, extra kosten, gezinsontwrichting, het doorbreken van hulpverleningstrajecten en verergering van bestaande psychische problematiek. Verhuurders hebben er ook last van, vooral financieel, met name particulier verhuurders.
Landelijk handelingskader
Om artikel 13b van de Opiumwet beter te kunnen toepassen, doen we de aanbeveling om meer structuur, transparantie en voorspelbaarheid in te bouwen. Een landelijk handelingskader kan hieraan bijdragen. Dit brengt helder in beeld welke stappen nodig en mogelijk zijn, wat betreft rapportages, het informeren van belanghebbenden en omwonenden en de afwegingen om tot sluiting over te gaan of te kiezen voor een minder ingrijpende maatregel.